Naar de webshop

Batterijen vervangen in de ruimte

Deze week hebben twee astronauten van Nasa een ruimtewandeling gemaakt om oude nikkel-waterstof batterijen te vervangen voor nieuwe lithium-ion batterijen. De nieuwe lithium-ion batterijen zijn lichter en kleiner dan de oude batterijen en bovendien hebben ze meer stroomcapaciteit.

 

Deze week hebben twee astronauten van Nasa een ruimtewandeling gemaakt om oude nikkel-waterstof batterijen te vervangen voor nieuwe lithium-ion batterijen. De nieuwe lithium-ion batterijen zijn lichter en kleiner dan de oude batterijen en bovendien hebben ze meer stroomcapaciteit.

 

Functie van de batterijen
Alle elektrische stroom op het ISS wordt opgewekt via de zonnepanelen van het station, die zonlicht omzetten in elektrische energie. In tijden dat het ISS echter door de ‘orbitale nacht’ gaat, kunnen de zonnepanelen geen energie meer produceren. Als zodanig is het noodzakelijk dat het ISS energie opslaat in batterijen, die het vervolgens kan gebruiken om zijn systemen van stroom te voorzien tijdens periodes van duisternis. Elke 1,5u maakt het ISS een rondje om de aarde, waarvan 45 minuten in het zonlicht is. Tijdens deze periode worden de batterijen opgeladen via de zonnepanelen en de batterijen worden ontladen terwijl ze de belastingen van het station voeden tijdens de periode van 45 minuten duisternis per baan.

 

Een uitgebreide uitleg over de verschillen tussen de oude nikkel-waterstof (Ni-H2) batterijen en de nieuwe Li-ion batterijen lees je hier.

Batterijen vervangen in de ruimte

1 juli 2020 

Op 26 juni hebben twee astronauten van Nasa een ruimtewandeling gemaakt om oude nikkel-waterstof batterijen te vervangen voor nieuwe lithium-ion batterijen. De nieuwe lithium-ion batterijen zijn lichter en kleiner dan de oude batterijen en bovendien hebben ze meer stroomcapaciteit.

 

Functie van de batterijen
Alle elektrische stroom op het ISS wordt opgewekt via de zonnepanelen van het station, die zonlicht omzetten in elektrische energie. In tijden dat het ISS echter door de ‘orbitale nacht’ gaat, kunnen de zonnepanelen geen energie meer produceren. Als zodanig is het noodzakelijk dat het ISS energie opslaat in batterijen, die het vervolgens kan gebruiken om zijn systemen van stroom te voorzien tijdens periodes van duisternis. Elke 1,5u maakt het ISS een rondje om de aarde, waarvan 45 minuten in het zonlicht is. Tijdens deze periode worden de batterijen opgeladen via de zonnepanelen en de batterijen worden ontladen terwijl ze de belastingen van het station voeden tijdens de periode van 45 minuten duisternis per baan.

 

De nikkel-waterstof (Ni-H2) batterijen
In totaal heeft het ISS acht afzonderlijke voedingskanalen, waarbij elk kanaal drie batterijen heeft – hoewel één batterij wordt beschouwd als een ‘reeks’ van twee afzonderlijke batterijeenheden die met elkaar zijn verbonden, wat in feite neerkomt op zes batterijen per kanaal, en dus 48 batterijen op ISS in totaal. Elk van de oude batterijen is van het type nikkel-waterstof (Ni-H2), die vanwege hun lange levensduur doorgaans altijd in ruimtetoepassingen zijn gebruikt, omdat ze bestand zijn tegen een groot aantal ontladingscycli zonder grote verslechtering. Bovendien zijn Ni-H2 batterijen niet gevoelig voor overladen en tegenstroom, waardoor ze goede veiligheidseigenschappen hebben.

 

Een nadeel van Ni-H2 batterijen is echter dat ze gevoelig zijn voor “batterijgeheugen”, waar de batterij een deel van zijn capaciteit kan verliezen als deze niet volledig opgeladen en ontladen wordt tijdens elke cyclus. Om deze reden wordt er regelmatig “batterijconditionering” uitgevoerd op het ISS, om te voorkomen dat er batterijgeheugen ontstaat. Elk van de Ni-H2 batterijen van het station bestaat uit 38 afzonderlijke cellen (76 cellen per string van twee batterijen), waarbij elke cel bestaat uit een drukvat met gasvormige waterstof dat is opgeslagen tot 1.200 psi, dat wordt gegenereerd tijdens het laadproces zelf. De oudste batterijen op het station zijn nu ongeveer 10 jaar oud en bereiken het einde van hun ontwerplevensduur.

 

Lithium-ion (Li-ion) batterijen
Dit betekent dat vervangende batterijen nodig zijn om het ISS te behouden tot de huidige geplande pensioendatum van 2024. Ni-H2 batterijen worden nu echter beschouwd als oude technologie, aangezien de meeste systemen van het station eind jaren tachtig werden ontworpen en begin jaren negentig. Het ISS-programma heeft daarom besloten om de batterijen van het station tijdens het vervangingsproces te moderniseren door over te stappen op moderne lithium-ion (Li-ion) batterijen. Deze batterijtypen werken via lithiumionen die tijdens het laadproces tussen elektroden bewegen, in plaats van waterstofgas onder druk zoals gebruikt in Ni-H2 batterijen.

 

Als gevolg hiervan zijn Li-ion batterijen veel lichter en kleiner dan Ni-H2 batterijen, omdat ze geen drukvatcontainers nodig hebben voor de opslag van waterstofgas, wat betekent dat Li-ion batterijen een zeer hoge energiedichtheid hebben in vergelijking met Ni-H2 batterijen. Dit heeft veel voordelen voor het ISS-programma, omdat het betekent dat slechts één enkele Li-ion batterij de functie van twee van de vorige Ni-H2 batterijen kan vervangen. Dit betekent op zijn beurt dat slechts de helft van het aantal Li-ion batterijen (24) nodig is om alle Ni-H2 batterijen van het station (48) te vervangen, wat ook het aantal vereiste lanceringen halveert. Li-ion batterijen zijn ook niet gevoelig voor batterijgeheugen, waardoor het niet nodig is om de batterij te conditioneren. Li-ion batterijen hebben echter enkele nadelen, namelijk het feit dat ze veel gevoeliger zijn voor overladen, wat moet worden voorkomen via accubeheer- en beveiligingssystemen. Bovendien hebben Li-ion batterijen doorgaans een kortere levensduur dan Ni-H2 batterijen, omdat ze niet zoveel laad- / ontlaadcycli kunnen doorstaan ​​voordat ze merkbare achteruitgang ondergaan. De ISS Li-ion batterijen zijn echter ontworpen voor 60.000 cycli en een levensduur van tien jaar. Bovendien zullen ze celbalancering en instelbare laadspanningstechnologie bevatten om hun levensduur te maximaliseren.

Li-ion batterijen hebben in het verleden opmerkelijke problemen ervaren, in de vorm van oververhitting en “thermische runaway”. De Li-ion batterijen die op het ISS zullen worden gebruikt, zijn weliswaar vervaardigd door hetzelfde bedrijf (GS Yuasa), maar zijn ontworpen met lessen die zijn getrokken uit de problemen, en hebben strenge ruimtecertificeringstests doorstaan. In het bijzonder bevatten de ISS Li-ion batterijen twee regelingen tegen thermische runaway, spannings- en temperatuurbewaking van individuele cellen, circuitbeveiliging en foutisolatie van individuele cellen en thermische hittebarrières tussen celpakketten.

 

Qua constructie bevat elke ISS Li-ion batterij 30 afzonderlijke cellen, verpakt in een doos die dezelfde afmetingen en montage-interfaces behoudt als de vorige Ni-H2 batterijen, maar met een aanzienlijk lager gewicht (430 pond in plaats van 740 pond). Een enkele Li-ion batterij vervangt de functies van twee Ni-H2 batterijen, maar aangezien twee Ni-H2 batterijen in een ‘string’ met elkaar zijn verbonden en als één batterij worden beschouwd, betekent dit dat adapterplaten ook nodig zijn. Dit om de enkele Li-ion batterij aan te sluiten op de bestaande aansluitingen voor de onnodige tweede batterij in elke string en zo het circuit te voltooien.

MagCharger is End of life

Misschien wel 's werelds meest iconische oplaadbare zaklamp gaat uit productie.

 

De Magcharger

De Maglite MagCharger was jarenlang de dagelijkse steun en toeverlaat van Politie, Brandweer, beveiligers en veel andere professionele gebruikers. Maar de MagCharger is inmiddels ingehaald in de ontwikkeling van LED verlichting en wordt daarom uit productie gehaald door Maglite. In 1980 werd de MagCharger voor het eerst geïntroduceerd en dit werd meteen een groot succes. De MagCharger was niet ’s werelds eerste oplaadbare zaklamp maar was toen wel één van de meest betrouwbare en meest verkochte zaklampen. De Maglite MagCharger is volgens velen de meest iconische zaklamp ter wereld. In de afgelopen jaren kreeg de MagCharger meerdere upgrades, maar het model werd toch ingehaald door andere Maglite producten en modellen van concurrenten.

 

Alternatieven

Elfa heeft nog een kleine voorraad MagChargers beschikbaar, maar wanneer deze op is kan er niet meer worden bijbesteld. Uiteraard kunnen wij u een passend alternatief bieden. Twee modellen die zich hier uitstekend voor hiervoor lenen zijn de Maglite ML150LR en de Coast HP10R. Helaas passen beide alternatieven niet in de Magcharger laadhouder. Wel zijn beide zaklampen iets compacter, hebben een vergelijkbaar uiterlijk en een aanzienlijk hogere lichtopbrengst (> 1000 lumen i.p.v. de 643 van de Magcharger). De Coast HP10R wordt ook nog eens standaard geleverd met twee lithium accu’s en een cartridge met 4xAAA batterijen. Daarom zult u nooit zonder stroom zitten.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                   Maglite ML150R                                                                 Coast HP10R

 

Naast de genoemde onderdelen wordt de HP10R ook geleverd incl:

  • 2x Lithium Ion batterijen
  • 1x Cartridge met 4x AAA Alkaline batterijen
  • Holster
  • Riemclip
  • Wandhouder
  • 12V adapter
  • 230V adapter
  • Laadkabel
  • Polsband

 

Wilt u meer informatie over één van deze zaklampen? Neem dan contact met ons op.

Een accu die 2 miljoen kilometer mee gaat

De accu-leverancier (CATL) van onder andere Tesla, Volkswagen en BMW heeft een enorme doorbraak gemaakt in accutechnologie die de verkoop van elektrische voertuigen de komende jaren flink zou kunnen stimuleren. CATL is klaar om een accu te produceren die 16 jaar en 2 miljoen kilometer mee gaat, maakte de voorzitter van het bedrijf, Zeng Yuqun deze week bekend.

 

De accu-leverancier van onder andere Tesla zegt dat het een enorme doorbraak heeft gemaakt in accutechnologie die de verkoop van elektrische voertuigen de komende jaren flink zou kunnen stimuleren.

 

CATL (Contemporary Amperex Technology Ltd.), de Chinese auto-batterijgigant die onder andere Tesla, Volkswagen en BMW belevert, is klaar om een batterij te produceren die 16 jaar en 2 miljoen kilometer kan meegaan, maakte de voorzitter van het bedrijf, Zeng Yuqun deze week bekend. Dit is een gigantische vooruitgang ten opzichte de accupakketten die vandaag de dag gemonteerd worden die een levensduur van acht jaar of 250.000 tot 300.000 kilometer hebben.

 

Zeng stelt dat het bedrijf klaar is om te beginnen met het uitvoeren van bestellingen voor de batterij, maar maakte niet bekend of er al een partij bestellingen heeft geplaatst. Hij voegde toe dat de batterij ongeveer 10% meer kost dan gemiddelde EV-batterijen. Ook zou de batterij een hogere energiedichtheid hebben, waardoor het voertuig een grotere actieradius heeft.

 

De levensduur van de batterij is één van de belangrijkste struikelblokken die de wereldwijde acceptatie van elektrische voertuigen tegenhoudt, een batterij met zo een lange levensduur kan de branche compleet transformeren. Accu’s zijn namelijk het duurste onderdeel van elektrische voertuigen. Wanneer de levensduur van deze accu’s aanzienlijk verlengd worden zal de totale cost of ownership voor een elektrische auto behoorlijk omlaag gaan.

 

Bron: www.businessinsider.nl

Waar vind ik nog meer achtergrondinformatie over ATEX?

Er is veel informatie beschikbaar. De meeste informatie vindt u hier.

 

Daarnaast hieronder een aantal interessante websites.

Welke ATEX zones worden onderscheiden en wat betekenen ze?

Bij ATEX wordt gesproken over gevarenzones.

 

De omgevingsatmosfeer en de heersende omstandigheden op de werkplek zijn allesbepalend voor de installatiemethoden van het toe te passen materieel en de keuze van de te gebruiken arbeidsmiddelen. Het is daarom een eerste vereiste dat er een gevarenzone indeling wordt gemaakt van de gebieden die met het oog op gas- en stofexplosiegevaar gevaarlijk zouden kunnen zijn.

Die potentieel gevaarlijke gebieden worden op grond van frequentie en duur van het optreden van een explosieve atmosfeer in gevarenzones onderverdeeld:

 

  • Zone 0, 1 en 2: bij kans op een gasontploffing (een mengsel van brandbaar gas, damp of nevel met lucht).
  • Zone 20, 21 en 22: bij kans op een stofontploffing (een wolk brandbare stof).

Hierbij geldt dat het laagste getal de gevaarlijkste zone aangeeft. Naarmate een gevarenzone zwaarder is ingedeeld worden er ook strengere eisen gesteld aan de inrichting van de werkomgeving en aan de toepassing en het gebruik van materieel en beveiligingssystemen. Voor meer informatie over ATEx kijk hier.

Waar staat ATEX voor?

ATEX staat voor ATmosphères EXplosives, oftewel een explosieve atmosfeer.

 

Onder een explosieve atmosfeer wordt het volgende verstaan: een mengsel van brandbare stoffen in de vorm van gassen, dampen, nevels en stof, onder atmosferische omstandigheden, waarin de verbranding zich na ontsteking uitbreidt tot het gehele mengsel.

Sinds Juli 2003 echter zijn de ATEX 95 en ATEX 137 ingevoerd; richtlijnen die speciaal geschreven zijn om de aandacht te focussen op veiligheid in explosieve ruimten en die het gebruik van explosieveilige producten wettelijk verplicht stellen in dit soort ruimten.

De richtlijn geldt voor alle ondernemingen waar “door het gebruik van brandbare stoffen een gevaarlijke explosieve atmosfeer kan ontstaan en het daardoor tot explosiegevaar kan komen”. Voor meer informatie over ATEX kijk hier.

Welke ATEX coderingen worden onderscheiden?

Of een lamp wel of niet ATEX-gecertificeerd is kan men zien op de behuizing van de lamp. De certificering is er in gedrukt. Dit bestaat uit een aantal coderingen. Deze coderingen en hun betekenissen zijn de volgende:

 

  • CE: Deze code onderschrijft dat het product aan alle gestelde kwaliteitseisen van de EU voldoet.
  • Ex: Het specifieke teken voor explosiepreventie.
  • G, D of GD: Toepasbaar in gas (G), stof (D) of beide (GD) atmosferen.
  • E Ex: Goedgekeurd voor gebruik in explosieve ruimten volgens de laatste gemeenschappelijke Europese eisen.
  • E ib: Mate van bescherming.
  • IIA, IIB of IIC: De gas groep waarbinnen het product valt. (Bij IIA is het risico op ontvlamming het kleinst, bij IIC het grootst).
  • T1 t/m T6: Temperatuurclassificatie van de gebruikte gloeilamp. Classificatie naar de maximumtemperatuur van de oppervlakte, waarbij T1 de hoogste temperatuur heeft en T6 het laagste.

 

Een ATEX certificering dient te worden afgegeven door een notified body zoals KEMA of DEMKO. Indien de lamp door een niet gecertificeerd keuringsinstituut wordt beoordeeld is de zone waarin de certificering wordt toegekend, maximaal 2. Dit is de laagste beschermingsklasse. Voor meer informatie over ATEX kijk hier.

Wat zijn ATEX gecertificeerde lampen?

ATEX staat voor ATmosphères EXplosives, oftewel een explosieve atmosfeer. Als een lamp ATEX gecertificeerd is, betekent dit dat deze lamp geschikt is voor gebruik in een explosiegevaarlijke omgeving. Of een lamp wel of niet ATEX-gecertificeerd is kan men zien op de behuizing van de lamp. De certificering is er in gedrukt. Elfa heeft van een aantal toonaangevende merken deze ATEX gecertificeerde lampen in haar assortiment. Kijk hier voor meer informatie.

Wat zijn gloeilampen?

Een gloeilamp bestaat uit een vacuüm getrokken of met glas gevulde glazen bol met daarin een gloeidraad, ook wel filament genoemd. Als er stroom door de gloeidraad vloeit gaat deze gloeien en licht uitzenden. Er bestaan verschillende soorten gloeilampen voor verschillende toepassingen. Dit hangt af van het soort edelgas dat eraan toegevoegd is. In het algemeen spreken we van 3 soorten gloeilampen: de ‘gewone’ (krypton) gloeilamp, de halogeen gloeilamp en de xenon gloeilamp.

 

  • Krypton gloeilamp 90 tot 95 procent van de stroom die een gloeilamp gebruikt wordt omgezet in warmte. Dit betekent dat maar 5 tot 10 procent van de energie daadwerkelijk wordt omgezet in licht. Een gloeilamp is dus niet erg efficiënt. Gloeilampen zijn het minst energiezuinig en hebben een brandduur van gemiddeld 1.000 uur.
  • Halogeen gloeilamp De halogeen lamp is een soort gloeilamp die dankzij het halogeengas extra veel licht geeft. Deze gaat ook langer mee dan een gewone gloeilamp en het verbruik voor sommige toepassingen ligt ook 30% lager. De halogeen lamp is wel duurder in aanschaf, maar onderscheidt zich van andere gloeilampen door het hoge lichtrendement en de uitstekende kleurweergave. Verder zijn de prestaties ongeveer de gehele levensduur constant en zijn halogeenlampjes vaak kleiner dan gewone gloeilampen.
  • Xenon gloeilamp Bij xenonverlichting wordt er gas ontstoken. Door gasontlading in de xenon verlichting ontstaat er een vlamboog die tot 3x meer lichtopbrengst heeft dan een gewone halogeen lamp. Na ongeveer 2.500 branduren is de lichtopbrengst nog zo’n 70%, dat is nog altijd meer dan een goede halogeenlamp.

Inschrijven voor de nieuwsbrief: