To our webshop

MagCharger is End of life

Perhaps the world's most iconic rechargeable flashlight goes out of production.

 

The MagCharger

The Maglite MagCharger was the daily support and refuge of police, fire brigade, security guards and many other professional users for years. But the MagCharger has now been caught up in the development of LED lighting and is therefore taken out of production by Maglite. The MagCharger was first introduced in 1980 and it was an immediate success. The MagCharger was not the world's first rechargeable flashlight, but was one of the most reliable and best-selling flashlights at the time. According to many, the Maglite MagCharger is the most iconic flashlight in the world. In recent years, the MagCharger received multiple upgrades, but the model was nevertheless overtaken by other Maglite products and competitor models.

 

Alternatives

Elfa still has a small stock of MagChargers available, but when it runs out, no more can be ordered. Of course we can offer you a suitable alternative. Two models that are ideal for this are the Maglite ML150LR and the Coast HP10R. Unfortunately, both alternatives do not fit in the Magcharger charging holder. Both flashlights are slightly more compact, have a similar appearance and a considerably higher light output (> 1000 lumens instead of the 643 of the Magcharger). The Coast HP10R also comes standard with two lithium batteries and a cartridge with 4xAAA batteries. Therefore, you will never be without power.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                   Maglite ML150R                                                                 Coast HP10R

 

In addition to the mentioned parts, the HP10R is also supplied incl:

  • 2x Lithium Ion batteries
  • 1x Cartridge with 4x AAA Alkaline batteries
  • Holster
  • Belt clip
  • Wall mount
  • 12V adapter
  • 230V adapter
  • Charging cable
  • Wrist band

 

Would you like more information about one of these flashlights? Contact us.

Waar vind ik nog meer achtergrondinformatie over ATEX?

Er is veel informatie beschikbaar. De meeste informatie vindt u hier.

 

Daarnaast hieronder een aantal interessante websites.

Welke ATEX zones worden onderscheiden en wat betekenen ze?

Bij ATEX wordt gesproken over gevarenzones.

 

De omgevingsatmosfeer en de heersende omstandigheden op de werkplek zijn allesbepalend voor de installatiemethoden van het toe te passen materieel en de keuze van de te gebruiken arbeidsmiddelen. Het is daarom een eerste vereiste dat er een gevarenzone indeling wordt gemaakt van de gebieden die met het oog op gas- en stofexplosiegevaar gevaarlijk zouden kunnen zijn.

Die potentieel gevaarlijke gebieden worden op grond van frequentie en duur van het optreden van een explosieve atmosfeer in gevarenzones onderverdeeld:

 

  • Zone 0, 1 en 2: bij kans op een gasontploffing (een mengsel van brandbaar gas, damp of nevel met lucht).
  • Zone 20, 21 en 22: bij kans op een stofontploffing (een wolk brandbare stof).

Hierbij geldt dat het laagste getal de gevaarlijkste zone aangeeft. Naarmate een gevarenzone zwaarder is ingedeeld worden er ook strengere eisen gesteld aan de inrichting van de werkomgeving en aan de toepassing en het gebruik van materieel en beveiligingssystemen. Voor meer informatie over ATEx kijk hier.

Waar staat ATEX voor?

ATEX staat voor ATmosphères EXplosives, oftewel een explosieve atmosfeer.

 

Onder een explosieve atmosfeer wordt het volgende verstaan: een mengsel van brandbare stoffen in de vorm van gassen, dampen, nevels en stof, onder atmosferische omstandigheden, waarin de verbranding zich na ontsteking uitbreidt tot het gehele mengsel.

Sinds Juli 2003 echter zijn de ATEX 95 en ATEX 137 ingevoerd; richtlijnen die speciaal geschreven zijn om de aandacht te focussen op veiligheid in explosieve ruimten en die het gebruik van explosieveilige producten wettelijk verplicht stellen in dit soort ruimten.

De richtlijn geldt voor alle ondernemingen waar “door het gebruik van brandbare stoffen een gevaarlijke explosieve atmosfeer kan ontstaan en het daardoor tot explosiegevaar kan komen”. Voor meer informatie over ATEX kijk hier.

Welke ATEX coderingen worden onderscheiden?

Of een lamp wel of niet ATEX-gecertificeerd is kan men zien op de behuizing van de lamp. De certificering is er in gedrukt. Dit bestaat uit een aantal coderingen. Deze coderingen en hun betekenissen zijn de volgende:

 

  • CE: Deze code onderschrijft dat het product aan alle gestelde kwaliteitseisen van de EU voldoet.
  • Ex: Het specifieke teken voor explosiepreventie.
  • G, D of GD: Toepasbaar in gas (G), stof (D) of beide (GD) atmosferen.
  • E Ex: Goedgekeurd voor gebruik in explosieve ruimten volgens de laatste gemeenschappelijke Europese eisen.
  • E ib: Mate van bescherming.
  • IIA, IIB of IIC: De gas groep waarbinnen het product valt. (Bij IIA is het risico op ontvlamming het kleinst, bij IIC het grootst).
  • T1 t/m T6: Temperatuurclassificatie van de gebruikte gloeilamp. Classificatie naar de maximumtemperatuur van de oppervlakte, waarbij T1 de hoogste temperatuur heeft en T6 het laagste.

 

Een ATEX certificering dient te worden afgegeven door een notified body zoals KEMA of DEMKO. Indien de lamp door een niet gecertificeerd keuringsinstituut wordt beoordeeld is de zone waarin de certificering wordt toegekend, maximaal 2. Dit is de laagste beschermingsklasse. Voor meer informatie over ATEX kijk hier.

Wat zijn ATEX gecertificeerde lampen?

ATEX staat voor ATmosphères EXplosives, oftewel een explosieve atmosfeer. Als een lamp ATEX gecertificeerd is, betekent dit dat deze lamp geschikt is voor gebruik in een explosiegevaarlijke omgeving. Of een lamp wel of niet ATEX-gecertificeerd is kan men zien op de behuizing van de lamp. De certificering is er in gedrukt. Elfa heeft van een aantal toonaangevende merken deze ATEX gecertificeerde lampen in haar assortiment. Look here for more information.

Wat zijn gloeilampen?

Een gloeilamp bestaat uit een vacuüm getrokken of met glas gevulde glazen bol met daarin een gloeidraad, ook wel filament genoemd. Als er stroom door de gloeidraad vloeit gaat deze gloeien en licht uitzenden. Er bestaan verschillende soorten gloeilampen voor verschillende toepassingen. Dit hangt af van het soort edelgas dat eraan toegevoegd is. In het algemeen spreken we van 3 soorten gloeilampen: de ‘gewone’ (krypton) gloeilamp, de halogeen gloeilamp en de xenon gloeilamp.

 

  • Krypton gloeilamp 90 tot 95 procent van de stroom die een gloeilamp gebruikt wordt omgezet in warmte. Dit betekent dat maar 5 tot 10 procent van de energie daadwerkelijk wordt omgezet in licht. Een gloeilamp is dus niet erg efficiënt. Gloeilampen zijn het minst energiezuinig en hebben een brandduur van gemiddeld 1.000 uur.
  • Halogeen gloeilamp De halogeen lamp is een soort gloeilamp die dankzij het halogeengas extra veel licht geeft. Deze gaat ook langer mee dan een gewone gloeilamp en het verbruik voor sommige toepassingen ligt ook 30% lager. De halogeen lamp is wel duurder in aanschaf, maar onderscheidt zich van andere gloeilampen door het hoge lichtrendement en de uitstekende kleurweergave. Verder zijn de prestaties ongeveer de gehele levensduur constant en zijn halogeenlampjes vaak kleiner dan gewone gloeilampen.
  • Xenon gloeilamp Bij xenonverlichting wordt er gas ontstoken. Door gasontlading in de xenon verlichting ontstaat er een vlamboog die tot 3x meer lichtopbrengst heeft dan een gewone halogeen lamp. Na ongeveer 2.500 branduren is de lichtopbrengst nog zo’n 70%, dat is nog altijd meer dan een goede halogeenlamp.

Wat zijn de verschillen in fittingen?

Er zijn een groot aantal fittingen mogelijk aan de verschillende lampen. Hieronder de meest voorkomende:

  • Schroeffittingen: De bekendste zijn de kleine (E14) en de grote (E27). Daarnaast kennen we ook de Goliath-fitting (E40).
  • Steekfittingen: Dit betekent dat de lamp één of meerdere voeten heeft, waardoor hij in één beweging in de fitting gestoken kan worden. Deze klemt de voet(en) meestal automatisch vast, maar soms moet er geschroefd worden. Steekfittingen zijn er van heel klein tot vrij groot.
  • TL-fittingen: Rechte tl-buizen hebben allemaal een eigen fitting-systeem.
  • Bajonetfittingen: Deze fittingen worden in de lamp geduwd waardoor de pinnetjes aan de zijkant achter een opening kunnen blijven haken.

Wat is LED-verlichting?

LED staat voor Light Emitting Diode, en wordt gezien als het lichtsysteem van nu en de toekomst.

LED’s kunnen gezien worden als de opvolgers van gloeilampen. Gloeilampen brengen als nadeel met zich mee dat na enige tijd het gloeidraad doorbrandt. Bij LED’s is dit niet het geval omdat er geen gebruik wordt gemaakt van gloeidraad.

LED’s zetten de stroom direct om in licht. Op deze manier wordt er veel minder stroom verbruikt. Bij een normale lamp moet eerst de stroomdraad gaan gloeien. Een ander voordeel is de veel langere levensduur van LED’s. Een LED kan meer dan tien jaar achter elkaar branden zonder stuk te gaan.

 

De voordelen van LED’s op een rijtje:

  • Zeer zuinig met stroom: veel licht voor weinig energie.
  • Extreem lange levensduur (20.000-100.000 uur)
  • LED’s kunnen eigenlijk niet kapot en is goed bestand tegen trillingen doordat een kwetsbare gloeidraad ontbreekt.
  • Kan temperatuurverschillen aan.
  • Met lenzen kan er ‘gespeeld’ worden met de lichtbundel uit een LED. Men kan bijvoorbeeld de bundel breder of smaller maken.

 

Nadelen (vooral bij ‘oudere LED’s):

  • De kleur van het licht neigt naar blauw

What is NEN?

NEN stands for the National Standardization Institute. Those who participate in standardization share their knowledge to benefit from it together with others. Standardization strives for efficient, safe, healthy and sustainable products and processes. Several interests are united in a smart way. NEN is the national standardization institute in the Netherlands. They work in European (CEN, CENELEC and ETSI) and worldwide (ISO, IEC and ITU) related to economic growth and well-being. As the Dutch center of standardization, NEN helps companies and other parties to make clear and applicable agreements with each other.

 

Click here for the website of NEN.

Sign up for our newsletter: